Zicht op de kwaliteit van ons onderwijs


Doelen en resultaten van ons onderwijs
Zicht op sociale ontwikkeling
Ontwikkeling personeel
Burgerschap
Keuzes n.a.v. onderwijsbehoeften van de leerlingpopulatie, omgevingsfactoren en onderwijsconcept
Lesuren
Onderwijstijd
 

Zicht op sociale ontwikkeling


Arcade


Wat verstaan scholen onder sociale opbrengsten? 

 
Kinderen leren en ontwikkelen schoolcompetenties die nodig zijn om in allerlei situaties op een goede manier met anderen om te gaan en bij te dragen aan de samenleving. Dit zijn vaardigheden zoals samenwerken, conflicten oplossen en zelfredzaamheid. Sociale competenties dragen daarmee bij aan een positief en sociaal veilig klimaat op school, het verbeteren van de leerprestaties en de ontwikkeling van burgerschap. 
 

Onze school



Sociaal-emotionele vorming en het klimaat van de school


Veel mensen beseffen dat de sfeer waarin een kind moet opgroeien, van groot belang is voor de manier waarop het volwassen wordt. De school streeft ernaar dat de kinderen zich thuis voelen. We willen een ongedwongen sfeer realiseren, waardoor naar onze mening, het kind zich het best kan ontwikkelen. Natuurlijk moet er regelmaat zijn.
- Gedragsafspraken moeten gerespecteerd worden.
- Begrip moet voorop staan en niet de regel zelf.
- Vrijheid moet volgens ons mogelijk zijn.
- We zoeken voortdurend naar een goed evenwicht. Programma ‘Happy Kids For Life’
 
Onderstaand de tekst van een persbericht in ‘De Toren’ over het gebruik van het programma Happy Kids for Life’ op de Prinses Ireneschool:
‘We hadden een mooi instrument voor de lessen sociale ontwikkeling, maar waren van mening dat die toch wel wat verouderd was. Dus zijn we op zoek gegaan naar iets anders. Iets wat zo gebruikt zou kunnen worden, zonder een intensieve training van meerdere dagen.’ Aan het woord is locatiecoördinator Annita Post van OBS Prinses Irene uit Gramsbergen. Ze vertelt over de nieuwe methode Happy kids for life die de school hanteert.
De eerste ervaringen zijn positief. ‘Vrijwel iedere les is voorzien van een stuk literatuur of achterliggende gedachte. De materialen zijn door leerlingen ontwikkeld en spreken ook andere leerlingen aan. Er wordt vooral ingezet op het positieve, uitgaande van het goede en ook elkaar aanspreken op het (on)gewenste gedrag.’
De leerlingen en leerkrachten gebruiken giraffentaal. ‘Want iedereen heeft een groot hart (als een giraf). In school hebben we het stappenplan duidelijk zichtbaar hangen en de poster is ook mee naar huis gegaan’, aldus Annita Post.
 
Thuisgebruik
Tijdens een ouderpanel werd de vraag gesteld wat de ouders thuis merkten van Happy Kids. Eén van de ouders: ‘Thuis hebben we de poster op de kast gehangen. De kinderen spreken elkaar aan op hun gedrag, maar ook ons – de ouders. Ik merk zelf ook dat ik af en toe anders reageer op hun gedrag.’ Het programma wordt gedurende dit schooljaar structureel ingevoerd, stapje voor stapje met veel herhaling. Doordat er maar twintig lessen op papier staan, is het ook mogelijk om sommige dingen wat vaker terug te laten komen.
Een bijkomend voordeel van deze methode is de aanwezigheid van bladen waarop de leerlingen iets over zichzelf kunnen vertellen of zichzelf tekenen. ‘Wanneer zo’n les aan de orde is, bewaren we de bladen mooi in het portfolio,’ geeft één van de leerkrachten aan. ‘Nu iedereen de methode wat beter leert kennen, merken we ook dat sommige lessen zo interessant zijn dat we die uit kunnen smeren over meerdere lessen.’
‘In de nieuwsbrief meldde ik wekelijks wat we in de lessen tegen zouden komen. Door de ervaring die we nu opdoen, maak ik per maand een overzicht. Dit geeft de collega’s net iets meer flexibiliteit in de omgang met de lessen,’ vult Annita aan.

Zorgenvriendje
Natuurlijk zijn er ook minder positieve ervaringen in een kinderleven. Ook daar is aandacht voor.
Hoe ga je om met ook die gevoelens en emoties? En hoe herken je die bij de ander? Een instrument wat daarbij wordt gebruikt is het ‘zorgenvriendje’. In iedere groep is een knuffel met een zakje, gemaakt door de schoonmoeder van één van de teamleden. Wanneer een leerling met iets zit, maar er (nog) niet over wil praten, schrijft of tekent hij / zij dat op een blaadje en stopt het in het zorgenvriendje. De rits gaat dicht en daar blijft het probleem tijdelijk. In veel gevallen lucht het op, maar het lost natuurlijk niets op. Wanneer de leerling ervoor kiest om er toch over te praten óf thuis óf in school, wordt het briefje uit het zorgenvriendje gehaald om erover te praten.

 

Kindgesprekken
Sinds het schooljaar 2018-2019 hebben alle leerlingen minstens twee keer per jaar een individueel gesprek met hun leerkracht. Alle leerkrachten hebben hiervoor een cursus gevolgd. Doel is om in een startgesprek om elkaar beter te leren kennen en om verwachtingen uit te spreken. In een vervolggesprek wordt besproken hoe het gaat. Tijdens deze gesprekken kunnen de leerlingen hun leerdoelen kenbaar maken.

Pesten op school
Onder pesten verstaan we gedrag dat min of meer gericht is op één of meer leerlingen èn dat tot gevolg heeft, dat degene die gepest wordt, zich gekwetst, geraakt, vernederd of buitengesloten voelt. Sommige leerlingen zijn altijd het slachtoffer, weer anderen gedragen zich voortdurend als pestkoppen. Dit pesten vindt bijna altijd stiekem plaats, buiten de waarneming van ons als leerkrachten en van u als ouders! Volgens sommige onderzoekers wordt 1 op de 20 leerlingen het slachtoffer van pesterijen, volgens anderen 1 op de 10!
Pesten en gepest worden kunnen verstrekkende gevolgen hebben, bv. lagere schoolprestaties, lagere zelfwaardering, eenzaamheid en onzekerheid in sociale relaties.
Op onze school doen we onze uiterste best om dit gedrag te voorkomen. We doen dit door de leerlingen zich bewust te laten worden van hun gedrag en door bepaald gedrag niet te tolereren.
Bij voorkomende gevallen van pesten volgen wij het door de school vastgestelde pestprotocol.
In het document ‘Een veilige school is goed voor iedereen’ zijn de verschillende onderwerpen nader uitgewerkt. Het document is een bijlage bij het bestuurlijk veiligheidsplan.

De sociaal-emotionele ontwikkeling volgen
De sociaal-emotionele ontwikkeling van onze leerlingen wordt gevolgd middels het  toetsprogramma VISEON van CITO. Hiermee wordt jaarlijks de sociale veiligheid gemeten. Leerkrachten vullen twee keer per jaar een vragenlijst in over elke leerling. Vanaf groep 6 vullen de leerlingen ook zelf een vragenlijst in. Zodra blijkt dat een leerling ‘rood’ scoort bij meerdere items, wordt aan ouders gevraagd een vragenlijst in te vullen.
Op basis van de resultaten maakt de leerkracht -indien nodig- afspraken met ouders over nodige interventies.